Het ritme van de voetstappen. De intonatie. Ik herkende het vaag. Maar het trok me.
Ik keek om. Daar liep ze. Hetzelfde haar, dezelfde kledingstijl. Dezelfde motoriek. Ik zag alleen haar achterkant. Maar ik wist dat ze het was. En toen draaide ze om. Ze keek naar me en zag dat we elkaar nog geen handje hadden gegeven. De mimiek, de blik, de kleur van de ogen. Zij was het. Die bril. Die blik. Die oogkleur. Het deed me sterk denken aan iemand.
Maar ze was het niet.